VVB - Vlaamse Volksverhalenbank
Terug naar de startpagina Wat is een sage? Achtergrond bij dit project Medewerkers Interessante links
Zoekscherm Wat is narratologie? Doelstellingen VVB Terminologie Contact
 
- Vlaamse Volksverhalenbank -

Verhaalfiche
ID: 139
Nummer: FBECK0119-0120
Type: 2.1 Heksen
Omschrijving: Stal behekst
Verhaalopbouw: Omdat bij X al verschillende koeien waren gestorven, liet hij de tovenaar uit Zepperen komen. Toen die kwam, sprak hij tot X: "Het is de kwade hand. Je moet op bedevaart gaan naar de H. Wivina in de Monnebruren-kerk. De eerste persoon die je zal tegenkomen, is de oorzaak van je ongeluk. Jullie moeten ook allemaal gaan biechten en te communie gaan. Breek ook de kribben in je stal af en kijk of je daar niets vreemds vindt. " R. geloofde niets van wat de tovenaar vertelde. Hij liet verschillende dierenartsen komen, maar die konden hem niet helpen. Uiteindelijk ging X dan toch maar op bedevaart. De eerste persoon die hij tegenkwam, was de moeder van een meisje dat men op straat had gezet omdat ze geen enkele man met rust kon laten. Toen X de kribben had afgebroken, vond hij allemaal vodjes en andere vreemde voorwerpen, die hij in brand stak. Toen alles was opgebrand, zat X vol met luizen. Sindsdien had X geen problemen meer met zijn koeien.
Verhaal: Bij Ruppol waren al verschillende sterfgevallen geweest onder de koebeesten en hij ging naar 't Meesterke van Zepperen. Die kwam en hij zei: 'Ja mijne man, dat is de kwade hand, ge moet beeweg gaan naar de H. Wivina in Monnebruren-kerk en de eerste persoon die ge tegen komt, die is de oorzaak, en ge breekt de kribben af en ziet of ge daar niets vindt en ge moet allemaal te biechten en te communie gaan.' Maar Rruppol geloofde daar niet aan en hij heeft toen verschillende 'vétérinaires' doen komen, maar die konden niet zeggen wat het was. Toen moest hij wel gaan en weet ge wie hij tegenkwam? 't Was de moeder van een 'maagd' die ze op straat gezet hadden omdat ze met de mannen 'hoedelde'. En toen ze de kribben afbraken, vonden ze daar zoveel vodjes en prullekens en hij vroeg aan zijn vrouw of ze dat kende. Maar die wist van niets en hij gooide het allemaal in 't vuur en toen het opgebrand was, zat hij helemaal vol luizen, dat ze zo van hem afvielen. Daarna was het gedaan onder de beesten.
Verzamelaar: F. Beckers
Notulist: Katrien Van Effelterre
Taal: Zuid-Limburgs
Corpus: FBECK.20E
Codering:
Aard bron:Mondeling
Schriftbron: F. Beckers, Leuven, 1947
Regio: Aalst
Kloekenummer: P179
Verteller: 77 Vertellersinfo
Datering:
Jaar: 1947
Relatieve Datering:
Aard getuigenis: fabulaat
Literair: nee
Subgenre: sage
Opmerkingen:

Trefwoorden

Motieven

Plaatsen

Namen

Andere Eigennamen



© Seminarie voor Volkskunde K.U.Leuven - engine & design: Maerlant Centre
converted by: Philippe Le Comte