| Verhaalopbouw: |
X, een schrijnwerker uit Gelinden, werkte in Boekhout. Op een avond was hij wat langer gebleven om kaart te spelen met de mensen voor wie hij werkte. Toen X naar huis wandelde bij heldere maneschijn, kwam hij een haas tegen. X gooide iets naar de haas, waarop het dier in een hond veranderde. De hond ging met X mee tot aan de Broeksteeg in Gelinden. Omdat het dier zo kort bij X' voeten liep, werd het verwond door een gesp van zijn schoen. Toen de hond bloed verloor, veranderde het dier in een mens. Het was een man met wie X diezelfde avond nog een kaartspel had gespeeld. X had nooit aan iemand de naam van de weerwolf durven te vertellen, want de man had hem bedreigd: "Als je ooit mijn naam noemt, dan wordt het je dood." |